Oplossing

Oplossing

Als je iets voor het laatst ziet maar
dat nog niet weet, is dat dan makkelijker
dan zelf welwetend de deur te sluiten
van een lokaal
waar je nooit meer zal komen?

En hoe is het voor een architect
als zijn gebouw niet meer bestaat?

Is dat als wakker worden na
een nacht slaap? En langzaam
je droom niet meer kunnen
vertellen, alleen steeds
kortere momenten.

Een half lokaal,
een losse deur.

muizen huilen

Muizen huilen

Ik hoor muizen huilen in de nacht.
Ze huilen door hun pootjes
over korrels heen te wrijven.
Het klinkt als regen.

Is er een reden om te huilen?
De komst van een kat in het pand.
Het verliezen van de dubbele wand.

Ze willen met mijn leven ruilen.
Ze willen in mijn bed liggen.
Wel vijftig naast elkaar, rijen en rijen
Ze willen met mijn vriend vrijen
en tijdens ingehouden gepiep
luisteren naar de mensen die
met handen over korrels wrijven.

Notities over een bed.

Notities over een bed

Ik wilde een bed van roestvrijstaal (een jongensbed, vond ik) maar kreeg een bed van wit gelakt hout. Alsof ik in een vakantiehuisje in Noorwegen sliep, in plaats van een legerkazerne of ruimteschip. Ik vond het bed en bijpassende kast stom, de witte planken van de kast beplakte ik met plaatjes, waar ik cartridge na cartridge voor leegprintte. De inkt maakte de kast kostbaar. En in het bed drukte ik mijn nagels in het zachte hout. Het leek alsof ik in mijn slaap op de spijlen beet. Het wit schaafde ik bij de poten weg met een zakmesje, ik vond het wit meisjesachtig. Vijftien jaar later was alles in het huis van mijn ouders grijs en roestvrijstaal en was het bed het warmste object geworden.

Het bed bleef thuis toen ik op kamers ging, in de overgangstijd tussen thuis en thuis-thuis sliep ik in hoogslapers, grote tweepersoonsbedden en een twijfelaar. Na de twijfelaar ging het uit. Ik vertrok naar Amsterdam en het witte bed kwam terug. Nadat ik er één avond samen in had geslapen, belde ik mijn ouders op met de vraag of ze het tweepersoonsmatras van zolder konden meenemen, wanneer ze op verjaardagsvisite zouden komen. ‘Heb je een nieuw vriendje?’ vroeg mijn moeder. Zo uitgeslapen is ze wel.