archiveren

Maandelijks archief: april 2016

slaap

Over onvrijwillige nachtdiensten.

Als kind sliep ik heel slecht. Vaak sprong ik op bed en tikte ik het dakraam in een sprong open. Dan sprong ik nog een keer, klemde mijn handen aan het kozijn en hing met mijn hoofd zo ver mogelijk uit het raam om te roepen naar mijn ouders die in de tuin zaten.

‘Ik kan niet slapen.’

‘Proberen’.

Of, ‘ga maar even lezen dan.’

Of ‘kom maar even tv kijken, maar wel na de eerste ip naar bed.’

Lezen werd een manier om de onoverbrugbare nacht in hoofdstukken te verdelen. De hoofdstukken schemering, donkerte met wakkere ouders, donkerte met slapende ouders, eerste vogels, ochtendgloren, naar school.

Hierna sliep ik jaren goed en nu slaap ik weer slecht. Hoe snel zoiets went is best beangstigend. Het niet kunnen slapen heeft de permanentheid van een berg gekregen, terwijl het iets is van de laatste twee jaren. Het groeit als je met tegenzin de nacht nadert. Het groeit ook als je liever niet meer ’s ochtends met iemand afspreekt omdat er dan teveel druk op het slapen ligt. Een huisgenoot vertelde dat haar slaapproblemen verdwenen toen ze ging werken als nachtportier. Toen ze leerde dat je best kan functioneren zonder de hoeveelheid slaap die je voor jezelf calculeert, en daardoor de examen-achtige druk van het slapen afhaalt.

Het lezen van vroeger werkt niet meer altijd even goed als truc. Nu probeer ik gewoon te kijken naar de bubbeltjes in een glas met spa rood. Het meest effectief is het verplaatsen van mijn matras naar een andere kamer. Ik ben een slaapnomade. Mensen raden vaak aan om niet teveel cognitief bezig te zijn vlak voor het slapen gaan en toch merk ik dat ik ietsjes makkelijker in slaap val als ik opsommingen lees. Een encyclopedie. Lijstjes. Op mijn plafond hangt een blaadje met morsecode. Ik had het als grap opgehangen maar merk dat het soms werkt om bijvoorbeeld namen in morse om te zetten. Als ik over een aantal jaar vloeiend morse kan, dan weet je, hij heeft weinig slaap gehad. Leg dan een matras op wielen voor mij klaar. Zodat ik vlot van kamer naar kamer kan.

Dit dit dit dit   dit   dit dah dit dit   dit dah dah dit

Advertenties

taboes

Over de Middag van het Kinderboek, over taboes en eilandjes.

Gisteren was in de OBA de achtste Middag van het Kinderboek. In de ochtend was ik naar de workshop ‘ups en downs van het creatieve proces’, van Sabine Wisman. Een workshop over de rolverdeling tussen creatieveling en criticus. En hoe je leert te herkennen wanneer je verlammend kritisch naar je eigen werk kijkt.

In de middag waren er lezingen. Hoogleraar illustratie Saskia de Bodt hield een lezing over taboe in beeld. Er kwam een mooi geïllustreerd boek voorbij, de partij van Fidel en Fidelia. Over honden die een feest houden waarbij de bloedhond uit zijn antropomorfische rol valt en gaat vechten met de andere honden. Moraal: ‘Dat komt er van als honden menschen willen naäpen.’ merkte de deftige gast met de bril aan.’ Angst wordt tegenwoordig niet echt meer ingezet als pedagogisch middel. In kinderboeken knippen we niet meer van duimzuigers de duimen af.
Hedendaagse taboes in beeld kan je samenvatten als borsten en billen. Bloot verdwijnt uit kinderboeken. De Bodt liet illustraties zien uit de jaren zeventig, waarin er nog wat naakt voorbij kon komen. In 2014 raakte het franse kinderboek Tous à poil ! in opspraak omdat daarin mensen zich uitkleden om het water in te gaan. De politieman, de leraar.

Na deze lezing de zeepkist, met warme pleidooien om je als eenling te verenigen bij bijvoorbeeld BNO, de VvL. Maar ook mooie korte verhalen of boekentips (‘lees ‘schrappen en schrijven,’ van Godfried Bomans.’) Of de interessante vraag wat er zou gebeuren als iedereen besluit maar één boek per jaar te maken.

Na de pauze o.a. Jaap Friso die een een verzameling kinderboeken liet zien met wat gevoelige thema’s, verdeeld in seksualiteit, dood, geweld en geestelijke gezondheid. (Nog iets dat Jaap Friso opmerkte, in kinderboeken over homoseksueel of lesbisch ouderschap worden de ouders vaak uitgebeeld door dieren.) Een opvallend hedendaags taboe is misschien wel slecht aflopende kinderboeken. Of boeken over rotkinderen. Dat zijn dan ook wat recentere taboes, en ik heb bij de reeks afbeeldingen boven wat prenten gedaan waarin kinderen verpletterd worden door standbeelden, aan rotsen bungelen of met geweren schieten. Dat zag je vroeger toch wel meer in kinderboeken.

Tijdens het forumgesprek werd duidelijk dat een gedeelte van hedendaagse taboes in lesmateriaal voornamelijk commercieel geïnspireerd zijn. Bij lesmethodes staan pratende dieren op de taboelijst en ook het afbeelden van varkens kan bij sommige educatieve uitgeverijen niet meer, omdat een boek met varkens mogelijk niet verkocht kan worden op islamitische scholen. Bij het illustreren van een stadsbeeld zijn synagoges, moskees en kerken ook ongewenst, omdat het (bijzonder) onderwijs een methode dan links laat liggen. En eigenlijk ging het grootste gedeelte van het forumgesprek over de beperkingen die opgelegd worden vanwege het bijzonder onderwijs. Zo worden er taboes in stand gehouden die voor de makers en uitgevers niet voelbaar zijn. En als je naar de bron van ophef wilt wandelen volg je een kronkelweg. Het zijn namelijk niet per se de scholen die moeite hebben met varkens, of de leerlingen zelf. De restricties ontstaan uit angst een boze ouder te ontvangen. Het programma ‘de hokjesman’ dat opgesteld is als een soort ironisch/antropologische reis waarin Schaap van eiland tot eiland reist, maakte voor mij nog niet zo duidelijk dat we in een land met eilanden leven. Dit gesprek wel. Voor kinderboekenmakers betekent dit, geen varkens in beeld, geen heks in je boektitel. Anders raakt een eiland voor je afgesloten, waarna je al schrijfster bijvoorbeeld niet meer welkom bent om voor te komen lezen, omdat je op een verboden lijst staat en als occult ++ gemarkeerd bent.

%d bloggers liken dit: